donderdag 30 oktober 2008

Bezoek van de Sint

Mijn ogen gaan zenuwachtig open en weer dicht.Zo vlug dat het pijn doet,maar ik lijk de controle over mijn lichaam volledig kwijt.Ik lik mijn opengebarste lippenen proef een mengeling van zout en bloed.Slikken gaat moeizaam, ik proef de zurigheid van mijn eigen braaksel.Het loden ding dat ik mijn hand houd lijkt wel evenveel te wegenals het levenloze lichaam dat voor mijn voeten ligt.Nog maar net ligt het daar,maar de geur van verrotting en uitwerpselen doet mijn neusvleugels al trillen.Ik huiver en omklem met mijn linkerhandhet knisperende rolletje bankbiljetten dat in mijn jaszak zit.Het droge gekraak ervan brengt me weer bij mijn positieven.het pistool glijdt in mijn andere jaszak terwijl ik naar de deur wandel.De fletsblauwe kleur ervan doet mijn ogen tranen.Al met al is het niet slecht dat het belachelijk slechte gevoel voor binnenhuisinrichting van deze vrouw vroegtijdig gestopt werd.Ik draai me nog een laatste keer om naar het kersverse lijk.Het ontspannen van haar sluitspierenheeft blijkbaar één en ander de vrije loop gelaten.

Cadeautje voor de flikken.

donderdag 23 oktober 2008

Ik zal straks zeggen dat ge tot deze avond krijgt
om uw spullen te pakken.
Ik zal zeggen dat alle sporen die naar u leiden
volledig verdwenen moeten zijn
als ik terug ben van het werk.
Ik zal ondertussen uw zwarte nagelriempjes
en de spuuglelijke tattoo op uw bovenarm
uit mijn visuele geheugen proberen te bannen.
Want dat zijn de dingen die mij het meest aan u doen denken,
en die het diepst tot in mij verweven zijn geraakt.
Ik zal u straks vertellen dat ik u niet meer nodig heb,
dat uw aanwezigheid zijn doel meer dan bereikt heeft.
Het is niet anders.
Maar als ik mijn mond open doe en gij vraagt wat er scheelt,
zeg ik gewoon dat de koffie op is.